dinsdag 20 juli 2010

Valladolid

Toen we aankwamen in Valladolid was het erg warm. De eerste straten waren heel anders dan wat we tot nu toe gezien hadden van Mexico. Wederom realiseerde ik me hoe anders het leven hier is dan thuis. We moesten in straat 39 zijn op nummer 203. We kwamen enkel even straatnummers tegen, Calle 24, Calle 32, waar zouden de oneven straten zijn? Mickel opperde dat die misschien wel haaks op de even nummers stonden. Ik keek goed op de volgende hoek en tot mijn vreugde bleken we al die tijd al op Calle 39 te rijden. Toen hoefden we enkel nog maar het juiste nummer te vinden. Toen we in de buurt van de 200 kwamen, zagen we een park. De huizen waren ondertussen steeds mooier geworden. Charmante geveltjes met allerlei kleuren. Tot mijn verbazing bleek ons hotel precies aan dit park te liggen, tegenover de kerk. Eenmaal binnengekomen werd ik enkel stiller. Het hotel was vroeger een statig huis geweest met een mooie binnenplaats. Nu was het restaurant rondom deze binnenplaats gesitueerd. Daarachter lag een tweede binnenplein met een prachtig zwembad. De architectuur was prachtig koloniaals en vele originele details waren met zorg in stand gehouden, terwijl er ook aan het hedendaags comfort gedacht was. Onze kamer bleek aan de rustige achterzijde te liggen.
We besloten het stadje te verkennen, maar na een twintig minuten konden we enkel concluderen dat het nu te heet was. Dorelijn kwam op het fabuleuze idee om een verfrissende duik in het zwembad te nemen en daarna dacht Joja dat dit een geschikt tijdstip was voor mij om het spannende voorleesboek uit te lezen.
Toen we daar zo zaten, aan de rand van het zwembad. Mickel en de meiden in het water, ik pootje badend met het boek op schoot, was ik ultiem gelukkig.
Later ging het regenen en koelde het gelukkig af. Mickel en ik besloten gewapend met een paraplu de stad in te lopen. We werden driemaal overvallen door nog zo'n stortbui. Bij het oversteken moesten we door halve rivieren baden, maar het was warm water en dus niet erg. Uiteindelijk belanden we op een terras waar ze biologische koffie verkochten. (Dat blijft me altijd trekken.) We genoten van het uitzicht op het park en de voorbijgangers. Naast alle bijzondere dingen die we zagen, hadden we het ook over ons. Over hoe we nu in het leven staan en over de perikelen van de afgelopen maanden. Het lijkt we of je op vakantie dingen met meer afstand kan bekijken, terwijl we toch heel dicht bij elkaar zijn.

In de avond zijn we wezen eten in het hotel. Het hotel bleek het mooiste restaurant van heel de stad te herbergen. Gewapend met onze Spaanse dieetlijst maakten we een keus uit de kaart. De ober was zeer behulpzaam, ookal sprak hij geen woord Engels. Uiteindelijk kreeg ook Mickel een glutenvrij diner, maar dat kon de pret niet drukken.
Als toetje nam hij geflambeerde appelpannekoek. De appel werd aan tafel met een reuze mes geschild. Het flamberen ging in eerste instantie mis, want ineens stond het halve dienblad in brand. Uiteindelijk kreeg Mickel een bijzonder geflambeerd toetje met wel vier soorten likeur erover. Tijdens het natafelen hadden we het over oud worden. Over onze ouders die ouder worden en hoe wij zelf oud zouden willen worden. Ik zei dat ik graag met enige gratie oud wilde worden. Sommige mensen weten de ongemakken van een lichaam dat niet meer helemaal wil zo charmant te doorstaan en blijven genieten. Mickel zei dat hij vooral graag met mij oud wilde worden. De aandacht van de meisjes was allang vervlogen, maar wij keken elkaar aan en begrepen elkaar.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten