vrijdag 23 juli 2010

De weg naar Merida

Ik was het hotel-eten helemaal zat. Eigenlijk de hotels ook. Ik snakte naar de rust van een eigen plek en naar eigen gemaakt eten. Mickel kwam op het lumineuse idee om te bellen of we misschien een nachtje eerder in Merida terecht konden. En dat kon.
Zo vertrokken we van Uxmal rechtstreeks naar ons huis in Merida, in plaats van nog een hotelnacht.
De rit naar Uxmal was bijzonder avontuurlijk geweest, maar deze rit was heel rustig. Misschien begin ik te wennen aan de Mexicaanse levensstijl. De half afgebouwde garages die ze huizen beschouwen. De slopende hitte. De broodmagere honden langs de weg. De moeders die uren met hun kind in hun armen op een drempel zitten en het kind wiegen. Voor een niet-reiziger als ik waren dat indrukwekkende dingen om in het echt te zien. Maar na een aantal dagen herken je patronen en zie je door de andere levensstijl ook hun geluk.
Het zijn vlijtige mensen hier. Vlijtig en vindingrijk. Het is ongelovelijk hoeveel toepassingen ik gezien heb voor een eenvoudige bakfietsje. Van goederenvervoer tot personenvervoer. De eerste die ik met zo'n bakfietsje zag was een meisje dat haar kleinere broer en zus hierin vervoerde. Vaak waren er mensen die langs de weg hout sprokkelden. Ik had opgedirkte modellen gezien als taxi. Maar ook bakjes vol fruit of met grote mama's erin die voortgefietst werden door een broodmager mannetje.
Onze reis ging dus voorspoedig. We kwamen al snel op een snelweg die rechtstreeks naar Merida ging.
Enkel op de ring bij Merida was er wat oponthoud. Er was een politie stop. Wij werden er uit gehaald en Mickel moest zijn rijbewijs laten zien. Daarna wilden ze ook mijn rijbewijs. Ook onze paspoorten werden erbij gehaald en ons adres in Merida. Het was zinderend heet en de agenten liepen in volledig tenue inclusief kogelvrij vest. Ik kon me amper voorstellen hoe heet dat moest zijn. Toch was de politiebeambte erg vriendelijk. Hij vroeg waar we vandaan kwamen en begon een gesprek over Hollandse kaas met ons. Ik werd enkel nogal zenuwachtig dat hij speelde met het lipje op zijn geweer zoals een ander met het dopje van zijn pen speelt. Gedachteloos, leek het. Maar met een geladen geweer is dat toch anders. Nadat ze allerlei gegevens hadden genoteerd in een notitieblok mochten we weer doorrijden. Onze gegevens stonden op het laaste vel en ik vroeg Mickel gekscherend of ze nu naar huis mochten omdat hun boekje vol was.
Later begrepen we dat deze politieposten onderdeel waren van het veiligheidsbeleid van de stad. Maar zoals Fabiola, de verhuurder van ons huis, opmerkte, werkte het eerder beangstigend dan geruststellend.
Daarna reden we vrij gemakkelijk naar ons huurhuis. Mickel had zijn zaken goed voorbereid en gewapend met een kaart van Merida mocht ik de weg wijzen. Enkel het eenrichting beleid van de straten wekte wat verwarring. (Het is net niet een straat in en de volgende uit.)
Het huis was prachtig. Rustig en beschut met een eigen zwembad. De kamers zijn in fleurige kleuren geverfd en vooral de slaapkamer (helemaal fuchsia roze) vind ik prachtig.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten