Vandaag zijn we wezen zwemmen met het Guppie!
Vanmorgen om 8 uur werden we opgepikt door een boot op het strand voor ons huisje. Nadat we nog zes andere gasten en wat voorraad hadden ingeladen zijn we naar het Noord-oosten gevaren. Eerst een stuk paralel aan de kust en vervolgens een stuk richting open zee. De tocht er heen was al magisch. We zagen een grote kolonie Jan van Genten en daarnaast een groep flamingo's. Even later minderde onze boot vaart want er kwamen dolfijnen aanzwemmen. Ik zat op de voorplecht en kon door het heldere water met gemak de bodem van de zee, zo'n vijf meter onder me zien. De dolfijnen buitelden door het water en zwommen langs en onder onze boot door. Eerst zag ik er maar een, maar even later waren er drie en uiteindelijk kwamen er nog drie. Na een poosje zwommen ze weer weg en vervolgden we onze weg.
Na ongeveer vijf kwartier vond onze kapitein een Whaleshark. Een whaleshark is een gigantisch zeewezen van ongeveer zes meter lang met een brede bek om plankton te vangen en een sierlijke staart met twee vinnen erop. Kenmerkend zijn de witte stippen op zijn lijf.
Ik mocht als eerste te water en kon een stuk met hem opzwemmen. Het was ongelovelijk om zo dicht naast zo'n indrukwekkend dier te zwemmen. Ik kon zijn kieuwen zien bewegen en had het gevoel dat ik hem bijna aan kon raken. Het is fijn om te weten dat het een planktoneter is, anders zou ik een stuk minder relaxed zijn geweest.
Voordat ik te water ging had ik mezelf verbaasd dat ik zenuwachtig was. Toen ik weer op de boot was bleken dit geen zenuwen geweest te zijn maar de eerste verschijnselen van zeeziekte.
Uiteindelijk ben ik maar van de boot af gegaan. Ik hield het niet meer uit op de deinende boot. Terwijl ik het trapje af daalde bedacht ik me vertwijfeld dat als dit niet zo helpen, dat ik een groot probleem had. Ik voelde me zo beroerd dat ik me amper vast kon houden om naar beneden te klimmen en ik had geen idee hoe ik dan weer omhoog zou moeten komen. Te water knapte ik gelukkig op en ik bleef de rest van de trip zoveel mogelijk naast de boot.
De overige leden van ons gezelschap maakten nog twee of zelfs drie zwemtochtjes met de whaleshark.
Daarna werd er lunch uitgedeeld en vertrokken we weer richting Holbox.
De andere passagiers waren bijzonder vriendelijk. (Vriendelijke en bescheiden Amerikanen. Mickel wist niet dat ze bestonden.) Ik bleef me wat naar voelen, alhoewel het stukken beter ging nu we voeren dan toen we ronddobberden. Maar lunchen aan boord was echt iets teveel voor mij.
Opgetogen gingen we weer aan land. De meiden en Mickel omdat het zo prachtig geweest was en ik omdat ik weer vaste grond onder mijn voeten had. (Hoewel ik ook zeer onder de indruk was van alle prachtige dieren die we gezien hadden.)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten